|
Opgave 1 Gegeven: twee gelijkvormige rechthoeken. De eerste rechthoek is 2 bij 5 en de andere rechthoek is 10 bij p.
|
Uitgewerkt Er zijn twee mogelijkheden:
|
|
Opgave 2
Gegeven: FC=3, EB=2 en BC=5 |
Uitgewerkt AE en AF verhouden zich als 2:3. Dus:
$\eqalign{cos(\angle A)=\frac{2}{3}}$ |