8. Wat dan wel?

q7423img1.gifIn de vorige bijdrage schreef ik dat er in het onderwijs ernstige problemen zijn die misschien eerst maar 's opgelost moeten worden voordat we met z'n alleen een beetje gezellig kunnen gaan zitten frŲbelen.

Dat is wel waar, denk ik, maar ook wel een beetje een dooddoener.

Zou dan niet een klein deel van de problemen in het onderwijs met de inzet van ICT kunnen worden verzacht, aangenaam versluierd of zelfs enigszins opgelost?

Uitleggen waarom dingen niet werken is niet zo moeilijk, keus genoeg. Wat werkt er wel? Waarom werkt dat? Wat kan je daar van leren? Waar zouden docenten behoefte aan hebben? Hoe kan je met ICT het werken gemakkelijker maken? Wat kan beter? Hoe doe je dat dan? Hoe zorg je voor vernieuwing? Dat soort vragen!


De dagelijkse werkelijkheid

Het meest voor de hand liggend is het om het de dagelijkse werkelijkheid als uitgangspunt te nemen voor nieuwe dingen. Je kunt daarbij denken aan informatie geven, aftekenen, toetsen, cijfers doorgeven, hyperlinks, agenda, planners, bestanden beschikbaar stellen en nog zo wat. De dingen die je normaal gesproken in je les doet.

De vraag is dan op welke manier je je werk zou kunnen ondersteunen met ICT. Dat moet dan handig, aangenaam en efficiŽnt zijn. Het zou een aantal hobbels van je dagelijks werk kunnen voorkomen. Je zou dan de beschikking moeten hebben over een aantal tools. Met al die leuke ICT-middelen van tegenwoordig zou dat geen probleem mogen zijn? Toch?


Het meest voor de hand liggend uitgangspunt voor de inzet van ICT is de dagelijkse gang van zaken. Welke dingen zouden veel makkelijker geregeld kunnen worden ICT?


Autonomie, meesterschap en zingeving 

Eťn van de kerntaken van een docent is om continu te monitoren wat je aanricht. Slaag je er in de leerdoelen te halen, begrijpen leerlingen waar ze mee bezig zijn en ervaren ze 't een 't ander als nuttig en leerzaam. Je mag van 12-15-jarigen niet verwachten dat ze intrinsiek gemotiveerd zijn om wiskunde te leren. Maar 't is wel belangrijk ze voor te bereiden op de bovenbouw. Ze leren daartoe een aantal vaardigheden en begrippen die ze dan in een later stadium hopelijk kunnen inzetten.

Dat aanzetten tot het leren voor de toekomst heeft een hoog persoongehalte. Het hangt er maar van af wat voor een docent er voor de klas staat. Wat doet ie allemaal? Wat kan je maar beter laten? Enthousiasme? Plezier in het werk? In de leerlingen? Flexibel? Vrolijk? Onbaatzuchtig? IJverig? Doortassend? Bekwaam? Goed opgeleid? Helderdenkend? Gezellig?

Om dat onderwijs ook in persoonlijke zin te ondersteunen kan je natuurlijk van alles doen met ICT. Je kunt een website maken en nog meer websites. Je kunt webloggen, al was het maar om te laten zien je meer doet dan alleen maar centjes verdienen. Je kunt snel reageren op e-mail. Je kunt twitteren... en wat je maar wilt.

Docenten bewegen om dat ook te gaan doen kan natuurlijk wel, maar waarom zou je dat doen? Kennelijk hebben ze tot nu toe geen reden gezien om zoiets te doen dus waarom zouden ze dat nu ineens wel willen? Omdat het zo leuk is? Dat het zoveel oplevert? Dat je serieus genomen wordt? Dat het je enorm veel werk kan besparen? Dat je allemaal van die leuke reacties krijgt? Eeuwige roem? Grote bakken met geld? Waardering? Internationale erkenning?

Docenten, zoals ik, doen dat uit eigenbelang. Het is voor mij een bron van informatie, gratis deskundigheidsbevordering, een spel, de dorpspomp, mijn stamcafť, mijn professionele ruimte, een ontmoetingsplek en veel meer. Het is ook een manier om 'dingen' te delen met anderen. Net als al die anderen die ook van alles delen met de rest van de wereld. Mooi...


Ik ben niet graag afhankelijk van anderen. Ik twijfel nog tussen ongeleid projectiel of bevlogen mafketel. 't Zal wel de laatste zijn...

©2004-2020 Wiskundeleraar - login