|
Evenwijdige lijnen De lijnen $k:ax+by=c$ en $l:px+qy=r$ zijn evenwijdig als geldt: $\Large\frac{a}{p}$=$\Large\frac{b}{q}$ Als $\Large\frac{a}{p}=\frac{b}{q}=\frac{c}{r}$ dan vallen de lijnen samen. |
Lijnen die elkaar loodrecht snijden Als voor de lijnen $k$ en $l$ geldt $rc_k\cdot rc_l=-1$ dan staan de lijnen loodrecht op elkaar. Voorbeeld De lijnen m:y=$-\frac{1}{2}$x+2 en n:y=2x+11 staan loodrecht op elkaar. |
|
Een normaalvector van een lijn Een normaalvector van een lijn staat loodrecht op de lijn. Een normaalvector van de lijn $l:ax+by=c$ is gelijk aan:
$ Met behulp normaalvectoren kan je een vectorvoorstelling van een lijn omzetten in een vergelijking en omgekeerd. |
Het middelpunt van de omgeschreven cirkel
Gegeven is $\Delta ABC$ met $A(1,1)$, $B(5,3)$ en $C(3,7)$. Bereken de coördinaten van het middelpunt van de omgeschreven cirkel van $\Delta ABC$. Zie opgave A83 op bladzijde 88 en de uitwerking. |