©2012 wiskundeleraar.nl

voorkennis breuken en combinaties

Het vermenigvuldigen van breuken

Algemeen: $\large\frac{A}{B} \times \frac{C}{D} = \frac{{AC}}{{BD}}$ en $A \times \frac{B}{C} = \frac{{AB}}{C}$

$
\large\begin{array}{l}
 \frac{2}{3} \cdot \frac{4}{7} = \frac{8}{{21}} \\
 \frac{2}{a} \cdot \frac{3}{b} = \frac{6}{{ab}} \\
 \end{array}
$


Het optellen van breuken

Algemeen: $
\large\frac{A}{B} + \frac{C}{B} = \frac{{A + C}}{B}
$

$
\large\begin{array}{l}
 \frac{{3q}}{p} + \frac{q}{p} = \frac{{4q}}{p} \\
 \frac{a}{3} + \frac{{3a}}{3} = \frac{{4a}}{3} \\
 \end{array}
$


Combinaties en permutaties

  • Als je 4 dingen kiest uit 10 en de volgorde daarbij is van belang dan heb je te maken met permutaties.
  • Als je 4 dingen kiest uit 10 en de volgorde is daarbij niet van belang dan heb je te maken met combinaties.

Met je GR gebruik je daarvoor de knopjes nPr of nCr.


Volgende
Terug Home
Login View